Wat was Nora een mooi meisje; net zoals de rest…..

Gisteren kreeg ik, heel lief en meteen confronterend, de vraag hoe ik dacht over het artikel wat was verschenen in de Volkskrant 3 van klanten, 1 van mijn dochter en ik kreeg een belletje van een kinderarts waarmee ik goede contacten heb. Ze vroeg mij wat mijn persoonlijke ervaring is als ex anorexia-cliënt en hoe ik er tegenaan kijk als orthomoleculair therapeut.
 
Met de kinderarts heb ik een mooi langdurig gesprek gehad vanuit diverse standpunten. Ook zij was er van overtuigd dat anorexia niet enkel te maken heeft met de psyche. Hoe kan het namelijk zo zijn dat twee zusjes, opgroeiend in hetzelfde gezin met dezelfde lief en leed niet beide anorexia krijgen. Heeft het te maken met genen, vroeg zij mij en met een overdadig exorfinebelasting. Hoe was ik er vanaf gekomen en hoe begeleid ik momenteel de meisjes en jongens met deze problematiek?
 
Laten we voorop stellen dat ik geen therapeut ben die voet bij stuk houd bij haar eigen therapie. Ik hou van samenwerking en kijken vanuit diverse disciplines. Ik mag nooit en te nimmer de eindverantwoordelijkheid pakken en werk enkel samen in goed overleg met de desbetreffende huisarts of (kinder)arts. Nooit of te nimmer zal ik roepen dat mijn therapie dé oplossing is! Dit wil ik echt voorop stellen, zodat deze discussie nooit en te nimmer kan ontstaan.
 
Ik vertelde haar dat ik onwijs verdrietig word van dit verhaal. De onderlinge strijd kan ik mij zeer zeker voorstellen. Echter straffen en belonen van therapeuten absoluut niet. De focus ligt heel vaak op wat niet goed gaat maar nooit op wat wel goed gaat. De pijn van de meisjes of jongens, familie, vrienden en ouders voel ik door merg en been. Gelukkig kan ik het al heel lang achter mij laten, maar het beschadigd zoveel meer als enkel een gezond lichaam.
 
Als therapeut zijnde word ik boos op dit verhaal. Hoe kan het zo zijn dat deskundigen niet verder willen kijken? Vanuit vroeger gezien was leven in schaarste een overlevingsmechanisme. We werden dan erg actief om voedsel te zoeken. En wat doet iemand met anorexia? Hyperactief zijn! Ik weet nog dat mijn mede-lotgenoot Floor was opgenomen in het ziekenhuis. Ze mocht haar bed enkel uit voor de toilet. En wat deed ze daar? Snel wat tricepsdips op de rand van wc. Net zoals buikoefeningen in haar bed.
 
Daarnaast weten we dat er in het brein van een anorexiapatiënt minder dopamine wordt aangemaakt en de neurotransmitters uit balans zijn. Vaak ga ik deze proberen in balans te krijgen en zal ik altijd een DNA-onderzoek doen om te kijken welke genen niet goed verlopen. Google maar eens op anorexia en dopamine. Als ik naar mijzelf kijk vanuit het genetisch aspect heb ik een probleem in het COMT-gen wat betekent dat ik weinig dopamine aanmaak. En dan is niet eten een manier om toch voldoende geluk te ervaren.
 
Als laatste wil ik benadrukken dat het kijken naar het exorfinesysteem ook erg belangrijk is. Endorfines zijn het  gaspedaal die ons beloningssysteem activeren. Ik vertelde de kinderarts dat ik regelmatig een exorfinetest uitvoer. Als deze verhoogd zijn moet hier ook het roer van om. Dat is vaak lastig, want een anorexiapatiënt die eindelijk wat eet, is lastig te zeggen dat ze geen caseine, gluten, soja en spinazie mogen. Dit zijn namelijk afbraakstoffen, exorfines genaamd, die vaak ontstaan bij een slechte vertering en een tekort aan het enzym DPP-IV.
Deze voeg ik vaak toe en ga met de cliënt vooral veel toevoegen wat voor die persoon goed is op dat moment. En laat nou soms die boterham die er bij mij werd toendertijd ingestopt juist averechts werken. Het is helemaal niet erg dat de cliënt met groenten begint! En de goede vetten erin krijgen is vaak een lastig stuk. Echter als ik ze dit uitleg waarom, gaat dit best goed.
 
En vooral met dat laatste sluit ik af. Iemand met anorexia wilt helemaal geen anorexia! Zij/hij wilt gelukkig zijn. Alleen doordat systemen niet goed lopen gaat dit vaak niet en krijgt de persoon nog wat geluk (door het beloningssysteem) door niet te eten. Het is vooral belangrijk dit de cliënt uit te leggen. Ga vooral niet achter de rug van deze persoon dingen bespreken maar betrek de persoon erbij. Een anorexiapatiënt is niet gek!
 
Voor de ouders die nu met de handen in het haar zitten: ik wens jullie zo onwijs veel liefde en houvast. De onmacht is verschrikkelijk. Weet alleen dat er meer mogelijkheden zijn om dit probleem dragelijk te maken. Laat je niet enkel leiden maar voel, samen met je zoon of dochter, wat voor jullie goed voelt! Je bent niet afhankelijk van één discipline. Samenwerken, daar draait het om!
 
En mocht er nu iemand dit zitten te lezen: jong, oud, kind, ouder of wie dan ook: ik sta altijd voor je klaar. Gewoon voor jullie! Omdat ik iedereen het gun om van deze rotziekte af te komen.
 
Veel liefs